EMS Leeromgeving · Inhoud · Hoofdstuk 13 · §13.6 · English version

§13.6 Praktijkcasus: van RWR-melding tot tegenmaatregel

Open §13.6 in de academy

Een fictief, geschematiseerd scenario dat de stof van H8, H9, H11 en dit hoofdstuk samenbrengt. Lees per stap wat de bemanning hoort en ziet, bedenk zelf wat het betekent en wat je zou doen, en klap dan de analyse open.

De situatie

Een transportvliegtuig vliegt bij daglicht op lage hoogte (± 300 ft) een betwist gebied binnen voor een bevoorradingsvlucht naar een veldvliegveld. Aan boord: een RWR, een MAWS met UV-sensoren en een dispenser met chaff en flares. Geen eigen jammer, geen escorte. De briefing meldde een mobiel luchtverdedigingssysteem voor de middellange afstand (vuurleidingsradar in de C/X-band, semi-actief geleide raket) ergens ten noorden van de route, en MANPADS rond het veldvliegveld. Alle waarden zijn indicatief.

Stap 1 — een zoekradar. Twintig minuten voor de landing verschijnt een "S" op de buitenste ring, peiling 330°. De RWR meldt een lage PRF en ongeveer tien seconden tussen de bestralingen. Af en toe klinkt een korte tik in de koptelefoon.

Analyse en besluit

Een lage PRF en een vaste periode van zo'n tien seconden passen bij een early warning- of zoekradar (§ 8.2): die draait rond en ziet het vliegtuig bij elke omwenteling even. Dit is nog geen vuurleiding; het vliegtuig is hooguit een plot op een scherm. Maar de fire control sequence (§ 8.1) is begonnen: wie gezien wordt, kan worden doorgegeven.

Besluit: nog geen tegenmaatregelen, wel route en hoogte heroverwegen. Lager vliegen en terrein tussen radar en vliegtuig houden (radarhorizon en terrain masking, § 5.20 en § 5.23) verkort de tijd dat de radar het vliegtuig ziet. De bemanning meldt de dreiging en zet de dispenser op scherp.

Stap 2 — een tweede radar. Vijf minuten later verschijnt een tweede symbool, "11", het systeem uit de briefing, op de middelste ring, peiling 010°. De bestraling komt vaker en gerichter; de toon klinkt nu meerdere keren per seconde.

Analyse en besluit

De RWR herkent de vuurleidingsradar van het systeem uit de briefing, in acquisitionmodus (§ 8.3): de radar probeert het vliegtuig te vangen. Dat dit symbool op 010° staat en de zoekradar op 330°, past bij een systeem met verspreid opgestelde onderdelen, maar ook bij twee verschillende stellingen. De RWR kan dat niet onderscheiden. Let op: het symbool staat dichter bij het midden omdat het gevaarlijker is, niet per se omdat het dichterbij staat (§ 13.2).

Besluit: nu telt elke seconde in het zicht van de radar. Een koerswijziging die het vliegtuig achter een heuvelrug brengt, breekt de acquisition voordat er een track is. Chaff heeft nu nog weinig zin: zonder track is er niets om van af te leiden.

Stap 3 — lock. De koerswijziging lukt maar half; het terrein is hier vlak. Het symbool "11" springt naar de binnenste ring, krijgt een ruit eromheen en de toon wordt continu. Even later meldt de RWR een CW-signaal uit dezelfde richting.

Analyse en besluit

Continue bestraling met hoge PRF betekent track of lock: de radar heeft een vuurleidingsoplossing (§ 8.3). Het CW-signaal zegt het meest. Bij een semi-actief geleide raket verlicht de radar het doel voor de zoekkop van de raket (§ 9.7.1). CW-illuminatie na een lock betekent dus: er is waarschijnlijk een raket onderweg. Het MAWS ziet die misschien niet, want de motor van een raket op grotere afstand kan al uitgebrand zijn.

Besluit: alles tegelijk. Een harde break dwars op de dreigingsrichting brengt de naderingssnelheid ten opzichte van de radar naar bijna nul. Een dopplerradar kan het vliegtuig dan moeilijk onderscheiden van de grondclutter en de chaffwolk, die juist nu in salvo's wordt uitgeworpen (§ 11.7.2). Doel: de track breken voordat de raket aankomt. Zonder jammer is dit de enige laag die het vliegtuig heeft.

Stap 4 — de dreiging die de RWR niet hoort. De RWR wordt rustig: het symbool "11" zakt terug naar de middelste ring en verdwijnt. Twee minuten later, in de nadering van het veldvliegveld op 200 ft, gaat het MAWS af: lancering, links achter. In die richting staat geen enkel RWR-symbool.

Analyse en besluit

De track is gebroken, door de manoeuvre en de chaff, of omdat de radar het vliegtuig achter het terrein kwijtraakte. De nieuwe dreiging is van een andere soort. Een MANPADS met een passieve infraroodzoeker (§ 9.7.2) zendt niets, dus de RWR kan hem niet horen; alleen het MAWS ziet de motorpluim (§ 13.3). Er zijn een paar seconden.

Besluit: het MAWS start automatisch het flareprogramma in de dreigingsrichting (§ 11.8.1). De vlieger draait de hete uitlaat weg van de raket, zodat de flares tussen raket en motoren komen, en neemt waar het kan vermogen terug (§ 11.11). Een platform met DIRCM (§ 11.9) zou de zoekkop nu vangen en jammen.

Stap 5 — na de landing. Het vliegtuig landt ongeschonden. Wat gebeurt er nu met wat de RWR en het MAWS hebben vastgelegd?

Analyse en besluit

De opnames gaan na de vlucht naar de analisten, met drie vragen. Klopte de identificatie: was "11" echt het systeem uit de briefing, of een andere radar met vergelijkbare parameters? Waar stonden de zenders? Een reeks peilingen tijdens de vlucht levert met kruispeiling een geschatte positie op (§ 13.5.4). En gedroeg de radar zich zoals de bibliotheek verwacht? Afwijkingen gaan via ELINT terug naar de bibliotheek (§ 13.5.3). Zo vliegt de volgende bemanning beter beschermd dan deze.

De les

De RWR liet de bemanning de fire control sequence van de tegenstander meelezen: zoeken, vangen, volgen, geleiden. Elke stap vroeg om een ander antwoord, van route en hoogte tot manoeuvre en expendables. Het gevaarlijkste moment kwam van een wapen dat de RWR niet kon horen. Daarom staan RWR en MAWS nooit alleen, en daarom is de nabespreking net zo belangrijk als de vlucht.